59
U

Eigenschap:Documentation

Uit DERA
Ga naar: navigatie, zoeken
KennismodelKnowledgeModel ArchiMate
Type
"Text" komt niet voor in de lijst (Afbeelding, Annotatie-URI, Bijlage, Booleaans, Code, Datum, E-mail, Geografische coördinaat, Getal, Hoeveelheid, ...) met mogelijke waarden voor de eigenschap "Elementeigenschaptype".
Geldige waarden
Meerdere waarden toegestaanNee
Weergave op invulformulierenTekstvak
Defaultwaarde
Toelichting
Specialisatie van



Deze eigenschap wordt gebruikt door de volgende elementtypen:


Pagina's die de eigenschap "Documentation" gebruiken

Er zijn 25 pagina's die deze eigenschappen gebruiken.

(vorige 25 | volgende 25) (20 | 50 | 100 | 250 | 500) bekijken.

1
1. Gebruiker kan ongehinderd door erfgoed navigeren +De gebruiker moet op een efficiënte manier relevante erfgoedinformatie kunnen selecteren en de context van deze informatie kunnen opvragen, zonder hierbij te worden gehinderd door het feit dat erfgoedinformatie door verschillende instellingen wordt beheerd en aangeboden.  +
1. Zorg dat de authenticiteit van erfgoedinformatie duidelijk is +De gebruiker moet de authenticiteit (o.a. herkomst en bewerkingen) van erfgoedinformatie kunnen vaststellen.  +
2
2. Gebruiker kan de bruikbaarheid van erfgoedinformatie vaststellen +De gebruiker moet kunnen vaststellen of gevonden erfgoedinformatie voldoet aan de eisen van zijn/haar toepassing. Hierbij kan men o.a. denken aan inhoudelijke bruikbaarheid van een specifiek object (is de foto van het betreffende onderwerp?), van een selectie (zijn dit alle beschikbare foto’s van het betreffende onderwerp?), of aan betrouwbaarheid (is de informatie authentiek?).  +
2. Zorg dat de beschikbaarheid van erfgoedinformatie duidelijk is +De gebruiker moet de beschikbaarheid kunnen vaststellen. Dit betreft zowel de vorm van beschikbaarheid (toegang, autorisatie, formaat) als de termijn (is een video op lange termijn beschikbaar en kan deze dan nog worden gestreamd?)  +
3
3. Gebruiker kan informatie toevoegen +Gebruikers moeten de gezamenlijke erfgoedinformatie kunnen combineren met andere informatie, of informatie kunnen toevoegen. Dit varieert van het toevoegen van nieuwe informatie, met als doel deze publiek te maken (zoals bij crowdsourcing), tot het toevoegen van vertrouwelijk informatie voor persoonlijk gebruik (zoals binnen de wetenschap nodig kan zijn). De toegevoegde informatie kan nieuwe informatie zijn (zoals bij genealogische toepassingen), of bestaande informatie (zoals Wikipedia). De bronhouder kan besluiten of de toegevoegde informatie geschikt is om opgenomen te worden in het eigen bronsysteem.  +
3. Zorg dat informatie herkenbaar en gebruiksvriendelijk wordt aangeboden +Erfgoed moet als zodanig herkenbaar zijn en moet worden aangeboden op een manier die voor gebruikers eenvoudig te gebruiken is.  +
4
4. Erfgoedinstellingen werken samen +Erfgoedinstellingen moeten samenwerken om hun erfgoedinformatie beter bruikbaar te maken voor gebruikers. Samenwerking zorgt voor afspraken over de manier waarop informatie toegankelijk wordt gemaakt en uitgewisseld wordt. Samenwerking stelt erfgoedinstellingen in staat om elkaars kennis en voorzieningen te benutten.  +
4. Zorg voor eenduidige beschrijving van erfgoedinformatie +Erfgoedinformatie moet zodanig zijn beschreven dat het voor een gebruiker duidelijk is wat voor soort erfgoed het betreft en in welke vorm. Soortgelijke erfgoedinformatie moet op dezelfde manier zijn beschreven.  +
5
5. Zorg dat erfgoedinformatie verwijst +Betekenis en interpretatie van erfgoedinformatie is afhankelijk van de context. De context moet worden vastgelegd door te verwijzen naar gerelateerde en beheerde erfgoedinformatie, definities, etc.  +
6
6. Zorg dat erfgoedinformatie verwijsbaar is +Erfgoedinformatie is verwijsbaar wanneer er relaties tussen deze en andere erfgoedinformatie kunnen worden gelegd. Gebruikers moeten dat kunnen doen om bestaande data via verwijzingen te hergebruiken of te verrijken.  +
7
7. Respecteer de diversiteit van erfgoedinformatie +Erfgoedinformatie is zeer divers, zowel in aard als omvang. De diversiteit is inherent aan de organisatorische verscheidenheid van bronhouders. Een grote erfgoedinstelling heeft bijvoorbeeld andere mogelijkheden dan een kleine erfgoedinstelling. Daarnaast is de diversiteit inherent aan de inhoudelijke verscheidenheid van bronhouders. Informatie van een archief is bijvoorbeeld wezenlijk anders dan informatie van een museum - en daarmee ook de wijze waarop de informatie beschreven wordt. Deze diversiteit moet gerespecteerd worden.  +
8
8. Zorg voor gedistribueerde erfgoedinformatie +Gedistribueerde erfgoedinformatie is informatie die bijeen kan worden gebracht vanuit meerdere bronsystemen. Informatie wordt niet centraal aangeboden door één voorziening van één organisatie maar decentraal door meerdere voorzieningen van meerdere organisaties. Daarbij is elke organisatie een onafhankelijk knooppunt en elke voorziening een onafhankelijke toepassing. Tezamen vormen de organisaties en hun voorzieningen een netwerk dat informatie uitwisselt volgens gedeelde afspraken.  +
A
Actoren +Archimate definieert een “business actor” als een organisatorische entiteit die in staat is gedrag uit te voeren. Een actor kan verschillende bedrijfsrollen vervullen.  +
Afnemer +Een afnemer is "de persoon of organisatie die een dienst in ontvangst neemt. Dit kan een burger, een (medewerker van een) bedrijf of instelling, dan wel een collega binnen de eigen of een andere organisatie zijn." (ontleend aan de NORA). De DERA definieert alleen het in ontvangst nemen van informatiediensten. Voorbeelden van NDE-afnemers zijn bronhouders, dienstverleners of de gebruikers van dienstverleners. Bron: NORA https://www.noraonline.nl/wiki/Afnemer  +
Authenticatie en autorisatie +Zorgdragen dat alleen afnemers die hier recht op hebben toegang krijgen tot digitale erfgoedobjecten, zoals scans, pdf’s of films. Bij authenticatie wordt geverifieerd of de identiteit van de afnemer correct is. Bij autorisatie wordt bepaald of de afnemer recht heeft op de gevraagde informatie. Rol: bronhouder digitaal informatieobject. Requirements van Netwerk Digitaal Erfgoed: - Zorg dat authenticatie en autorisatie van afnemers mogelijk is. Hiervoor zijn afspraken met dienstverleners nodig. Wanneer hier afspraken over zijn gemaakt, worden deze in een volgende versie van de DERA uitgewerkt.  +
B
Bedrijfsfuncties +Archimate definieert een “business function” als collectief gedrag dat voldoet aan vastgestelde criteria (vaak gebaseerd op benodigde middelen of benodigde kennis).  +
Beheerder generieke voorziening +Een voorziening is een standaardoplossing (ontleend aan de NORA). Binnen het NDE wordt ernaar gestreefd voorzieningen indien mogelijk te delen met anderen. De scope van de DERA is beperkt tot de gedeelde voorzieningen. Een subset hiervan zijn generieke voorzieningen, die uitsluitend gemeenschappelijk worden gebruikt. Daarnaast kunnen bronhouders voorzieningen die zij zelf gebruiken ook toegankelijk maken voor derden (bijvoorbeeld terminologiebronnen die een bronhouder zelf gebruikt en extern beschikbaar stelt).  +
Beheren digitale informatieobjecten +Zorgdragen voor het beheer van digitale informatieobjecten, zoals scans, pdf’s, films. Rol: bronhouder digitaal informatieobject. Requirements van Netwerk Digitaal Erfgoed: Vanuit het NDE-domein Zichtbaarheid worden geen requirements gesteld. Vanuit Houdbaar wel, maar deze requirements vallen buiten scope van DERA 2.0 omdat het accent voor deze release vooral op Bruikbaar ligt.  +
Beheren generieke voorziening +Zorgdragen dat generieke voorzieningen voldoen aan functionele en niet-functionele eisen. De generieke voorzieningen ondersteunen de informatie-uitwisseling tussen bronhouders en dienstverleners. De bronhouders en dienstverleners moeten daarom de eisen formuleren waaraan de generieke voorzieningen moeten voldoen om hen in staat te stellen diensten te leveren. Rol: beheerder generieke voorzieningen. Requirements van Netwerk Digitaal Erfgoed: - het verstrekken van informatie over organisaties en datasets in het netwerk; - het verstrekken van informatie over gestandaardiseerde termen; - het bewaken van de beschikbaarheid van gepubliceerde metadata. Dit vereist controle of duurzame identifiers geldig zijn (“resolven”) om te voorkomen dat zoekvragen van afnemers aan de generieke voorzieningen naar dode links leiden. De controle kan ook worden uitgevoerd door de bronhouder met een terugmelding naar de generieke voorziening dat de check is uitgevoerd op een bepaalde datum. - het verstrekken van informatie over relaties tussen termen en digitale informatieobjecten.  +
Beheren metadata +Zorgdragen voor de kwaliteit van metadata.  +
Beheren metadata cultuurhistorisch object +Rol: Bronhouder metadata cultuurhistorisch object. Requirements van Netwerk Digitaal Erfgoed: - Gebruik terminologiebronnen. Dit zijn de aangrijpingspunten voor vindbaarheid in het netwerk, waardoor het mogelijk wordt om te zoeken op “wie”-, “wat”-, “waar”-, “wanneer”-vragen. Daarnaast biedt het de mogelijkheid om gebruik te maken van gestandaardiseerde definities bij het beschrijven van cultuurhistorische objecten of informatieobjecten. Door bij de metadatering de relatie te leggen met termen uit terminologiebronnen wordt de vindbaarheid vergroot. Leg bij het gebruik van terminologiebronnen een relatie met de betreffende term met behulp van een duurzame identifier. - Zorg dat de metadatering voldoet aan de (nog nader te bepalen) minimale kwaliteitseisen over de wijze van metadatering. - Neem waar zinvol verrijkingen over die door derden worden aangeleverd. - Zorg dat de auteursrechtelijke status van het object wordt vastgelegd. - Druk de gebruiksrechten van de cultuurhistorische objecten en informatieobjecten op het individuele niveau uit, op basis van eigen inzicht, kennis en beleid. Dit kan zelfs voor verschillende verschijningen van het object (fysiek/analoog en digitale representatie) verschillen.  +
Beheren metadata informatieobject +Rol: Bronhouder metadata cultuurhistorisch object. Requirements van Netwerk Digitaal Erfgoed: - Gebruik terminologiebronnen. Dit zijn de aangrijpingspunten voor vindbaarheid in het netwerk, waardoor het mogelijk wordt om te zoeken op “wie”-, “wat”-, “waar”-, “wanneer”-vragen. Daarnaast biedt het de mogelijkheid om gebruik te maken van gestandaardiseerde definities bij het beschrijven van cultuurhistorische objecten of informatieobjecten. Door bij de metadatering de relatie te leggen met termen uit terminologiebronnen wordt de vindbaarheid vergroot. Leg bij het gebruik van terminologiebronnen een relatie met de betreffende term met behulp van een duurzame identifier. - Zorg dat de metadatering voldoet aan de (nog nader te bepalen) minimale kwaliteitseisen over de wijze van metadatering. - Neem waar zinvol verrijkingen over die door derden worden aangeleverd. - Zorg dat de auteursrechtelijke status van het object wordt vastgelegd. - Druk de gebruiksrechten van de cultuurhistorische objecten en informatieobjecten op het individuele niveau uit, op basis van eigen inzicht, kennis en beleid. Dit kan zelfs voor verschillende verschijningen van het object (fysiek/analoog en digitale representatie) verschillen.  +
Beheren metadata terminologiebron +Rol: Bronhouder terminologiebron. Requirements van Netwerk Digitaal Erfgoed: - Zorg dat termen een duurzame identifier hebben. - Leg relaties met termen in andere terminologiebronnen. - Zorg dat terminologiebronnen waar mogelijk onderling consistent zijn en inhoudelijk met elkaar verbonden worden. Dit vergt afspraken tussen bronhouders van terminologiebronnen. Dit geldt specifiek voor terminologiebronnen die binnen de invloedssfeer van het NDE vallen. Er wordt ook gebruik gemaakt van externe terminologiebronnen als GeoNames. Daar zal het maken van afspraken veel lastiger zijn, maar het NDE kan actief werken aan het opnemen van verwijzingen naar externe bronnen. Bronnen als DBpedia bieden hiervoor ook mogelijkheden. - Zorg dat er een goed proces komt voor het doorgeven en verwerken van wijzigingsvoorstellen voor terminologiebronnen die binnen de invloedssfeer van het NDE vallen. Hiervoor zullen bestaande afspraken aangescherpt moeten worden, aangezien deze terminologiebronnen meer en intensiever gebruikt gaan worden door dienstverleners en bronhouders. Hierbij kunnen gebruikers bijvoorbeeld voorstellen om kandidaat-termen toe te voegen.  +
Beheren metadata verrijkingen +Rol: Bronhouder metadata verrijkingen. Requirements van Netwerk Digitaal Erfgoed: - Maak afspraken over structurering en standaarden zodat de verrijkingen geautomatiseerd kunnen worden overgenomen door een bronhouder erfgoed metadata. - Zorg dat verrijkingen middels duurzame identifiers gekoppeld zijn aan erfgoedobjecten. - Zorg dat bij gestructureerde verrijkingen gebruik wordt gemaakt van gedeelde terminologiebronnen. - Zorg dat verrijkingen onafhankelijk opgeslagen zijn van website of collectiebeheersysteem zodat ze behouden blijven en overdraagbaar zijn. - Zorg dat de auteursrechtelijke status van de verrijking wordt vastgelegd.  +
Bronhouder +Een NDE-bronhouder is eigenaar van en verantwoordelijk voor het beheer van minimaal één bron met erfgoedinformatie. Op basis van het soort informatie worden de volgende specialisaties onderscheiden: - bronhouder digitaal informatieobject; - bronhouder metadata cultuurhistorisch object; - bronhouder metadata informatieobject; - bronhouder terminologiebron; - bronhouder metadata verrijkingen.  +